Geschreven op 2 april 2016, in Tulbagh, Zuid Afrika.
Stoffig, bezweet en vuil met een dubbele gin tonic op het terras. Na dik 2000 kilometers door Zuid Afrika en Namibië. Door woestijnen, over zand en rotsen en asfaltwegen. Met landschappen waarvan ik het bestaan niet kon dromen. Naar zonsondergangen kijken vanop rotsformaties alsof ze gestapeld werden door reuzen. Sterrenhemels letterlijk reikend tot aan de horizon, met sterren en een melkweg zo duidelijk alsof je ze kan aanraken. Met bavianen en springbokken die plots voor je wielen opduiken. Zebra's en struisvogels die niet opgesloten zitten maar met je mee rennen op afstand. Met bergen en ravijnen die recht uit natuurdocumentaires komen. Wijdsheid en stilte. Geluiden die ik van nergens ken. Vogels die ik nog nooit zag. Met een zon die in het noorden zit op de middag. Asfaltwegen rechter dan recht, kilometers aan een stuk waar je niemand kruist. Kusten met beukende golven. Mensen met parelwitte tanden en gekleurde huiden. Nieuwe mensen leren kennen en vriendschappen sluiten.
O.I.A.





Één van de weinige verkeersborden.
Nu veel opties heb je hier sowieso niet.






Fish River Canyon, Namibië.
Derde grootste canyon ter wereld. Wat een verschil met de Grand Canyon in Arizona.
Niet alleen kleiner in omvang, maar gelukkig ook helemaal niet zo veel volk.


Brett, één van mijn Zuid Afrikaanse copains.
Turend in de verte waar de rest blijft. We moeten dringend gaan tanken in Ai-Ais.

The cruelty of fences.
Maar natuurlijk wil je dan ook niet graag dat er plots zo een dier voor je wielen springt.
We hadden het voor met een springbok en met een baboon. Ik kan je verzekeren op een meter voor je wielen, rijdend aan een 100km/u op een zandpiste ...
Alles tikt dan eventjes sneller en de straaltjes zweet stromen nog sneller.

Ondergetekende, een beetje moe,vuil en net aangekomen in Ai-Ais.
Op rust komend in de schaduw terwijl de motoren volgetankt worden.
Maar zo genietend. Socializen met de plaatselijke mannen en wat Afrikaans uit wisselen.
Eentje ervan sprak de kliktaal. Mooi.




'Part of the adventure'.
Wat een geluk. Allez ja, het is maar hoe je het ziet.
Net terug van bijna 400km door de woestijn, letterlijk net terug op de asfalt rijden er 2 plat. En geen repairkits geleverd bij de motorfietsen.
Ook ons fout dat we dit niet nakeken.
Twee opties. Terugrijden naar Ai-Ais, door de woestijn. Maar was daar zo klein dat de kans even groot was dat zij daar repair kits hadden.
We wisten van het heen rijden, enkele dagen voordien, dat er een tankstation (vulstatie in het Afrikaans) was op een kleine 50km.
En dit op zo goed lege wegen, met een behoorlijke hoge snelheid, was dit voor Brett 'a piece of cake'.
Een uurtje later was hij terug.

Alle schaduwen komen nu echt wel van pas.

Gelukkig was er één boompje. Want wachten in de verzengende hitte is niet alles.

Bezigheidstherapie bij het wachten.

Onze repair kit/kid was terug. Eindelijk.






Ik vond dit een ongelofelijke tocht.
Door landschappen die er om de haverklap anders uitzagen. Vertrekkend vanuit Kaapstad, dat heel Europees/Amerikaans aandoet, naar het noorden langs de kust.
Langs plaatsen als Paternoster, Springbok, Noordoewer, Moedverloor, Stompneusbaai, Bitterfontein ...
Hoe noordelijker, hoe zandiger en desolater alles wordt. Hoe uitgestrekter en warmer. Hoe eenzamer en mooier.
Hier kom ik terug.
Er is nog zo veel Afrika te ontdekken.
Jan.